Laten we downshiften | essentialiving
5427
post-template-default,single,single-post,postid-5427,single-format-standard,qode-quick-links-1.0,ajax_fade,page_not_loaded,qode-page-loading-effect-enabled,,qode_popup_menu_push_text_top,qode-theme-ver-11.1,qode-theme-bridge,wpb-js-composer js-comp-ver-5.1.1,vc_responsive

Laten we downshiften

Laten we downshiften

We leven in de wereld van de vergrotende trap. Alles moet sneller, beter, comfortabeler, strakker, luxer. We werken allemaal veel en hard. Vierentwintig uur per dag bereikbaar zijn, wordt normaal gevonden. Dat we daardoor met z’n allen een stuk meer stressen en vooral heel druk zijn, nemen we maar voor lief.

De vraag is, worden we hier wel gelukkiger van? Stel je eens voor dat je wat minder zou kunnen werken. Dat die telefoon niet de hele dag trillend in je broekzak zit. Dat je eens wat minder spullen hebt. Oftewel, gewoon een beetje meer rust aan je kop. Klinkt aantrekkelijk, niet? En dat vinden meer mensen. Sterker nog, er zijn mensen die er daadwerkelijk wat aan doen. Downshifters worden ze genoemd.

Downshifters doen mee aan de trend van het downshiften. Dat is een trend waarin men er bewust voor kiest om met een stuk minder te gaan leven. Oftewel ze gaan terug naar de basis. Het kan worden gezien als een bepaald soort sociaal gedrag. Door te downshiften proberen mensen te ontsnappen aan de vaak obsessieve materialistische manier van leven en aan een hoop stress.

De auto eruit en de fietspakken. Een moestuintje onderhouden. Op vakantie in eigen land of een jaartje kamperen. Dit zijn allemaal manieren om met minder geld en dus minder werken toch rond te komen.  Doordat je tijd overhoudt en bewustere keuzes maakt ben je meer bezig met wie je wil zijn in plaats van wat er van je wordt verwacht. Genieten van kleine dingen staat centraal. Geen dure televisie maakt je nog gelukkig, maar simpel weg het zonnetje dat buiten lekker schijnt.

Eén van de belangrijkste punten waar het binnen het downshiften om draait, is het creëren van een beter evenwicht tussen werk en vrije tijd. Communicatie deskundige en journaliste Sjoukje van der Kolk, zelf ook een downshifter, heeft deze trend in de jaren 90 al zien ontstaan. Veel jonge gezinnen kregen het drukker en drukker doordat carrières werden gecombineerd met het hebben van kinderen.  Steeds vaker kregen mensen een burn-out en raakten gefrustreerd doordat ze niet konden voldoen aan het ideaalplaatje. Van de Kolk noemt dit ook wel het streefleven.

Rond 2000 was het gevoel om te gaan downshiften op een hoogtepunt. Helaas is het daarna weer een stuk afgenomen. Mede door de invloed van de economische crisis is de trend nu weer terug. Over het aantal downshifters in Nederland is niet veel bekend. Wel is uit onderzoek gebleken dat 19 procent tot een kwart van de volwassenen in andere rijke en geïndustrialiseerde landen het afgelopen decennium vrijwillig heeft gekozen voor minder inkomen en minder bestedingen. Deze getallen zouden ook zomaar voor Nederland kunnen gelden.

“Het heeft allemaal te maken met een toenemende behoefte aan rust en overzicht. Vooral dertigers van nu lopen rond met keuzestress. Downshiften is een manier om veel keuzes te elimineren” zegt Hilde Roothart van trendwatchbureau trendslator. Roothart vermoedt dat de groep hardcore downshifters niet groot is. Wel denkt ze dat steeds meer mensen het toepassen op enkele levensgebieden. Zo consumeren ze bijvoorbeeld minder of wordt er gekozen voor een parttime baan. Volgens Van de Kolk durven veel downshifters er nog niet voor uit te komen. Meestal komt dit voort uit angst om als een loser te worden aangezien. Veel downshifters gaan ondergronds en veranderen langzamerhand van vriendenkring. Maar er is vooruitgang. Bewuster leven wordt steeds minder geassocieerd met een stoffig leven. Sterker nog:  downshiften kan onze reddingsboei zijn tijdens een falende economie. Dit is terug te zien in de documentaire ‘Made in Detroit’.

Is downshiften een trend die straks weer overwaait? Zowel Roothart als Van de Kolk denken van niet. Hilde Roothart: “Ik verwacht dat er steeds een grotere groep zal gaan downshiften. Met name dertigers van nu combineren idealisme met pragmatisme: ze pakken het op kleine schaal aan, bijvoorbeeld door een moestuin te beginnen in publiek groen.” Ook Sjoukje van de Kolk is er van overtuigd. “Het milieu dwingt ons ook die kant op, we kunnen simpelweg niet meer op de oude voet doorgaan.”

Kortom, het gaat niet langer meer om kwantiteit maar om kwaliteit.

(Tekst is van Vera Groenewoud, via websitetrendsbrands.wordpress.com, enigszins bewerkt door essentialiving)